09-06-13

83: Kearney

(83) Richard Kearney, Vertellingen (Ruud van de Plassche), Routledge, 2003

Healy weet het mooi te zeggen wanneer hij beschrijft hoe hij voor de eerste keer over regen probeerde te schrijven: ‘Ik kan me nog steeds het vloeibare gevoel van die woorden voor regen herinneren. Hoe de druppels tegen de ruit werden geblazen, daar glansden en omlaag liepen. De woorden voor regen waren beter dan de regen zelf’.

11-05-13

82: Carson

(82) Ciaran Carson, Fishing for Amber: A Long Story, Granta Books, 2000

Het was een stormachtige avond in de Golf van Biskaje en zijn matrozen zaten rondom het vuur. Plotseling zei de kapitein: Vertel eens een verhaal, kapitein. En de kapitein begon: Het was een stormachtige avond in de Golf van Biskaje …

15-04-13

81: Dostojewski

(81) F.M. Dostojewski, De dubbelganger. Een Petersburg epos (D. Peet), L.J.Veen, z.j.

Het scheen, dat alles in orde was, zoals het behoorde te zijn, dat wil zeggen: de sneeuw warrelde nog heviger, dichter en groter neer, op een afstand van twintig passen was geen zier te zien, de lantaarns gierden nog snerpender dan eerst, en de wind, zo leek het, rekte nog klaaglijker, nog jammerlijker zijn mistroostig lied, gelijk een vasthoudende bedelaar die een koperen groschen probeert af te smeken om zich te kunnen voeden.

14-03-13

80: Waugh

(80) Evelyn Waugh, Onze speciale correspondent seint … Een roman over journalisten (E.H. Elias), De Magneet/Scoop, 1933

Sommigen werden gesteund door ijzeren hoepels en krukken, anderen waren met cement gevuld; sommigen konden zelfs nu in Juni slechts een handjevol groene bladeren laten zien aan de uiterste takken. Het sap liep dun en langzaam; na een stormachtigen nacht lag altijd veel dor hout verspreid over den grond.

11-02-13

79: Oppenheim

(79) E. Phillips Oppenheim, De verdwijning van sir Adam (Henk de Rijk), Het Spectrum, 1968

Het was een regenachtige dag in mei en de regendruppels van een stortbui die kort tevoren was losgebroken, biggelden langs de ruit. Maar ondanks dat was het gezicht van het standbeeld nog duidelijk zichtbaar.

16-01-13

78: Malamud

(78) Bernard Malamud, De gratie Gods (Dorinde van Oort), Meulenhoff, 1984

Op natte dagen dimde Cohn de petroleumlamp en draaide, terwijl het buiten stormde en stortregende, platen op de koffergrammofoon. Ondanks de hevige storm zat George de gorilla dan, onder een druipende acacia, doorweekt tot op zijn huid, zijn kletsnatte hoofd gebogen op zijn borst, door de wind heen te luisteren naar het beverige gebalk van Cohns vader de cantor.

25-12-12

77: den Doolaard

(77) A. den Doolaard, De druivenplukkers (1931), Querido, 1948

Het regende en woei. Het water vloog in stofdroppels over de akkers, tussen de kasteelmuur en het dorp Daix. Tussen twee buien glom Dijon vochtig in de verte.

05-12-12

76: Gaarder

(76) Jostein Gaarder, De wereld van Sofie (Janke Klok, Lucy Pijttersen, Kim Snoeijing, Paula Stevens), Houtekiet/Fontein, 1994

Plotseling werd de kamer fel verlicht door een blauwachtig licht. Een paar seconden later hoorden ze een knetterende donderslag, het huis schudde op zijn grondvesten. (…) Sofie rende het natte sportveld over. Toen zag ze iemand op haar af komen lopen. Het was haar moeder. Een paar keer werd de stad getroffen door felle bliksemflitsen.

03-11-12

75: du Maurier

(75) Daphne du Maurier, De vogels (Anita van der Ven), Loeb, 1989

De slaapkamer in het arbeidershuisje lag op het oosten. Nat werd om even over tweeën wakker en hoorde de oostenwind, koud en droog. Hij huilde hol in de schoorsteen en een losse dakpan klepperde op het dak. Nat luisterde, hij kon de zee horen bulderen in de baai.

04-10-12

74: Mishima

(74) Yukio Mishima, Het gouden paviljoen, (C. Ouwehand), Meulenhoff, 1996

De radio berichtte, dat de tyfoon ons ieder ogenblik kon bereiken, maar er viel nog geen spoor van te bekennen. (…) Toen de sterke wind me voor het eerst in het gezicht woei, liep er een haast wellustige huivering door mijn lichaam. De wind wakkerde steeds meer aan tot een orkaan; het leek op een soort voorteken, dat ik samen met het Gouden Paviljoen vernietigd zou worden. (…) Het bos begon te ruisen. De takken van de bomen rond de vijver zwaaiden langs elkaar. De normale, diepblauwe kleur van de nachthemel werd vertroebeld door een zwaar purpergrijs. Het verre, geheimzinnige gefluit van de wind kwam dichterbij en stemde onrustig mee in met het onafgebroken gesjirp van de insekten.

27-08-12

73: Palliser

(73) Charles Palliser, De Quincunx, De erfenis van John Huffam (Ronald Jonkers), Ooievaar Prometheus/Bert Bakker, 1995

Nadat ik me behaaglijk onder de dekens had genesteld, hoorde ik de wind zachtjes kreunen, terwijl hij rond het huis joeg en deuren en luiken liet rammelen alsof hij een weg zocht om binnen te dringen. Met een bliksemschicht die mijn kamer met een spookachtig wit schijnsel deed oplichten, zodat mijn ogen nog verblind waren toen het weer duister werd, barstte het onweer eindelijk los. Terwijl de donderslagen boven mij daverden kwam de eerste onverwachte stortbui en de regen kletterde tegen de rinkelende ruiten alsof er handenvol kiezelstenen tegenaan werden gesmeten. Ik dacht aan de velden met platgeslagen graan die ons huis omringden en aan de muisjes en vogels die nu verschrikt onder het natte stro zaten weggedoken.

12-08-12

72: Yasuoka

(72) Shotaro Yasuoka, Regen (Janwillem Van De Wetering), Loeb, 1988

Zelfs voor de natte tijd regende het wel erg veel. De totale neerslag scheen ongeveer normaal te zijn maar het bleef maar gieten op een enkele korte onderbreking na. (…) Hoe meer ik erover nadacht, hoe meer ik begreep dat de niet aflatende regen mijn eigen bizarre gedrag van de laatste drie dagen had veroorzaakt. (…) De motregen veranderde weer in een stortbui en grote druppels kletterden op de bladeren om ons heen. IJskoud water stroomde over mijn wangen. Ik pakte de bijl weer stevig vast …

26-07-12

71: Tsuchiya

(71) Takao Tsuchiya, Eén lettertje verschil (Janwillem Van De Wetering), Loeb, 1988

Terwijl de dokter uitlegde wanneer Misae ongeveer de pillen slikte merkte Akitsu dat hij bibberde van emotie, in ieder geval niet van de kou want hoewel het januari was woei er een warme wind door Tokio die nacht.

10-07-12

70: Van De Wetering

(70) Janwillem Van De Wetering, Moord in Japan, De spannendste Japanse verhalen (Janwillem Van De Wetering), Loeb, 1988

Iedere keer als ik daar aan mee mag doen valt het me op hoe ‘Nederlands’ de grote Japanners schrijven. Hun karakter-analyses, sombere achtergrondbeschrijvingen (het regent veel of het is ‘het weer van alle mensen’ dat Revisten zo goed kennen), de Anna Blaman-achtige zelfmoordsfeer van lelijke meisjes die de laatste tram ook nog missen (…)

25-06-12

69: McCourt

(69) Malachy McCourt, Een zwemmende monnik (Peter Abelsen), Bert Bakker, 1999

De New-Yorkse poëet daarentegen heeft de herfst tot muze, daar de stad juist in dit jaargetij tot leven komt.

06-06-12

68: Meyers

(68) Jan Meyers, Het samenzijn, Manteau, 1985

De wind sprong tegen hem op, toen hij de deur naar storm en duisternis openzette – februari, maar niet koud: te verwachten temperatuur voor de komende nacht aan de kust 8 à 10 graden. Achter hem, diep in het huis, knalde een andere deur dicht. In een razende wereld zwiepten de bomen in het perk tegenover het huis als voorwereldlijke schimmen heen en weer. Wolken waaiden laag over als zwarte rook.

18-05-12

SATISFICTION 12

Columns in OpenDoek Antwerpen en op KR-site & Lerarenforum

Filmscript TINE! EEN MOKKEL VAN HAAR SOKKEL (première 31 aug 2013 t.g.v. 50 jaar Tinekesfeesten Heule)

VERLICHTE GEDICHTEN. Omgaan met poëzie in lager en secundair onderwijs, die Keure Brugge (2013)

Copywriting Hogeschool Lerarenopleiding KATHO-RENO Kortrijk/Torhout (met o.a. Ode aan de Aldi)

Nominatie Tsjechov Verhalenwedstrijd (met verhaal Suzannes herenhuis), Letterencafé Tsjechov & Co, Rotterdam

Verhaal Wurgseks in Zomertijd, uitg. Jaylen Books (Nl)

Gedicht Lutetia in Snuisterboekje, De Lijn

Gedicht De Heerlijkheid in Ons Maartjen, Heule

Griezelverhaal A Dogs Life in Jaylen Books (Nl)

14-05-12

67: Troyat

(67) Henri Troyat, Tsjechov, biografie (Clem Schouwenaars), de Prom, 1988

Op een dag, toen het stormde, waaide een windstoot binnen door het open venster van zijn werkkamer en verscheidene bladen van zijn manuscript vlogen de tuin in. Men raapte die bladen op, maar de regen had de inkt weggewist, zodat zij onleesbaar waren geworden. Bij wijze van troost zei een van de genodigden dat Tsjechov zich zeker zou herinneren wat hij had geschreven. ‘Stel u voor dat ik mij dat niet herinner,’ antwoordde Tsjechov glimlachend. ‘Ik zal die taferelen opnieuw moeten schrijven.’

12-04-12

66: Bogarde

(66) Dirk Bogarde, Jericho, Maarten Muntinga bv i.s.m. BZZTôH, 1992

De eerste regendruppels sloegen hard tegen het donkere raam, kletterden tegen het glas als een handvol gedroogde erwten. De lucht had de paarsachtig zwarte kleur van pruimen, de kamer was vol schaduwen en deprimerend bij het schrille licht dat verspreid werd door het ene peertje in de olifantslamp.

20-03-12

65: Slauerhoff

(65) J. Slauerhoff, Schuim en as, Nijgh & Van Ditmar, 1946

Later op de morgen kwam de ’s nachts al verwachte maar halfvergeten storm. Een kleine, donkerzwarte wolk stond laag boven de kim, donkere banen uitstralend, een gele wind woei over de wilder en wilder opslaande golven, ze meeslepend in ongekende misvormingen, het enige schip dat onder hun bereik was teisterend zoveel ze konden.

14-02-12

64: Potter

(64) Dennis Potter, De zingende detective (John van Bladel), Bert Bakker, 1987

Buiten de danszaal uit 1945 komt de regen met bakken naar beneden. Rollende donder in de lucht. De regen klettert in de plassen en geselt de glimmende straat die er indrukwekkend bij ligt en zich in het licht van de lantaarns onscherp en vaag aftekent. De regen stuitert in dikke druppels op het dak en de motorkap van de geparkeerde auto van de twee geheimzinnige mannen.

23-01-12

63: Prisjwin

(63) Michaïl Prisjwin, De zwarte Arabier (H.J. Been), Het Kompas, z.j.

Maar in de herfst, als het Bosch weer kil en kaal is, dooven de stormen het lampje; de dieren kruipen in hun holen en alle oude mannen en oude vrouwen, die de kapel bezochten, zijn verdwenen. De wind huilt door het naakte woud om de gedoofde lamp.

29-12-11

62: Handke

(62) Peter Handke, De wespen (Ronald Jonkers), Bruna, 1979

De warme wind jaagt het stof door het raam. Ik hoor het geluid van het gordijn. Ik hoor het geluid van het zand dat tegen het glas slaat. Ik hoor het geluid van de natte bladeren van de boom. Ik hoor het geluid van het spatbord van de fiets. Ik hoor het geluid van de draad tussen de populieren. Ik hoor het geluid van de natte kleren over de draad. Ik hoor het geluid van de schuurdeur die tegen de houtstapel slaat.

13-12-11

61: van Zomeren

(61) Koos van Zomeren, Het scheepsorkest, De Arbeiderspers, 1989

De hemel ziet grauw van ellende en boven de huizen verheft zich welgeteld één kokmeeuw.

20-11-11

60: Warhol

(60) Andy Warhol, Dagboeken (Christine Quant), Anthos, 1990

 

Het regende dat het goot. Door ‘familieproblemen’ was het een slechte dag. (…) Wij zaten op de bank bij het raam in de vergaderkamer, waar de regen tegen de ruiten kletterde, dronken thee en praatten over de film waarvoor Bobby Huston het draaiboek schrijft – de opdracht komt van mij – over jongeren die zelfmoord plegen.

11-11-11

SATISFICTION 11

Gedichten HERINNERING AAN MAÏS en BETREFF. HAMMAMET, TUNESIË in ArtO4, januari

GEZEID IS GEZEID, honderd verse zeispreuken in andermans mond gelegd, uitg. Renoveren, Torhout, Kemmel, januari

Versneden verzen - Joris Denoo: uit goed Houtland gesneden, recensie van de bundel TORHOUT. VERS AAN HUIS door Jacob Baert in Ambrozijn

KLOON, SMOKE, RUIS, columns in OpenDoek Antwerpen

MEERVOUD (M/V), filosofisch spektakelstuk, bij ALMO Antwerpen

Gedichten REIS IN HET HOLST VAN DE ZOMER, EIGENLIJK GEEN REIS IN HET VOORJAAR, EASDAQ en TORHOUT ZONDER WERCHTER in ART04, maart

Diplospeech lerarenopleiding juni 11 in KathoKetting

Vier geïllustreerde verhaalboekjes derde graad basisonderwijs bij uitgeverij die Keure Brugge: STILTE!, ZWAARTEKRACHT, ELIOTT DE RAAF en STOUTE SCHOENEN (OF HOE IK KAMPIOEN HARDLOPEN WERD)

Filmscript TINE i.o.v. werkgroep Tinekesfeesten Heule

Recensie bundel TORHOUT - VERS AAN HUIS door Frank Decerf in VKH-magazine

SMOKE, column in OpenDoek Antwerpen

Copywriting voor autorenner Stoffel Vandoorne (seizoensviering op 25 november)

Theater ZZOEFF!, tekst en regie, sectie afstudeerjaar 3NED van Lerarenopleiding Hogeschool campus Torhout

Gedicht ICHTEGEM-ROUWCENTRUM in ART04, december

03-11-11

59: Woolf

(59) Virginia Woolf, Schrijversdagboek (Joop van Helmond), De Arbeiderspers, 1977

 

Maandag 16 september 1940

 

Goed, we zitten allemaal in het schip. Een drijfnatte, stormachtige dag.

 

Dinsdag 17 september 1940

 

Geen invasie. Storm.

16-10-11

58: Matsubara

(58) Hisako Matsubara, Kraanvogels in de schemering (Milly Clifford), Bruna, 1985

Nieuwjaarsdag was koud en zonnig. Er stond veel wind. Dat kwam goed uit voor de jongens die op de brede brandweg naast de Hori-kawa aan het vliegeren waren. De grote vliegers, die ze zelf gemaakt en beschilderd hadden, zweefden hoog in de lucht mee met de wind, of maakten spiraalvormige duikelingen. Als de wind even ging liggen hingen hun lange, veelkleurige staarten slap neer en bijna meteen vielen de vliegers naar beneden. Dat was het sein voor de jongens om schreeuwend tegen de windrichting in te hollen om hun vliegertouw weer te spannen.

21-09-11

57: Strete

(57) Craig Strete, Oom Coyote en de bisonpizza (Jos Knipscheer), In de Knipscheer, 1978

‘De coyote rende als de wind en de bison rende als een bliksemschicht met scherpe hoorns. De bisonpizzadoos onder de arm van de coyote bonkte tegen de zij van de coyote als donderslagen. Nou, het klonk precies als een hevige onweersbui die je al van kilometers afstand kan horen aankomen.’

22-08-11

56: Grunberg

(56) Arnon Grunberg, Blauwe maandagen, Nijgh & Van Ditmar, 1994

De regen had het grint van het pad gespoeld. Behalve wat fietsers was er niemand in het Vondelpark. Ik ging op een bank zitten, at de laatste patatjes en keek uit over het water en de villa’s aan de overkant.