27-10-17

160: van Dis

(160) Adriaan van Dis, Ik kom terug, Augustus, 2014

Mijn moeder legde haar hand naast de hare, boerinnenhand zoekt tropenhand, maar tot een aanraking kwam het niet. De storm van een Hollandse winter werd een oosterse wind die andere sensaties aanjoeg, een zon door tere bladeren die dansende spikkels op je huid tekende, het nagloeien van een zinken dak, de smaak van schaafijs – Saskia’s eerste herinneringen.

13-10-17

159: Catton

(159) Eleanor Catton, Al wat schittert (Gerda Baardman en Jan de Nijs), Ambo/Anthos, 2014

Buiten werd de gestaag striemende regen onderbroken door een windvlaag die een gordijn van water tegen de ramen op het westen blies.

01-10-17

158: Brouwers

(158) Jeroen Brouwers, Het hout, Atlas Contact, 2014

Op het strand, ik ben zeventien. Stormwind uit zee slaat schuim tegen me aan. Met schokkend bewegende kleren sta ik scheef in het stuifzand, mijn versnipperde stemmetje schreeuwt tegen de elementen. Armen gespreid voor een omhelzing leun ik voorover, me schragend tegen de wind als tegen een lichaam. Van een wilde vrouw. De wilde wind grijpt in mijn broek. Zo kan ik blijven staan tot de stormmuur me plotseling niet meer tegenhoudt en ik mijn evenwicht verlies en val, door mijn knieën stuikend in het schurende zand.