09-03-15

109: Pirandello

(109) Luigi Pirandello, Iemand, niemand en honderdduizend (Annegret Böttner & Leontine Bijman), Coppens & Frenks/Muntinga, 1988

En ik zie nog de mensen die de ontruiming bijwonen tegen de muren staan om te schuilen voor de regen, en ook anderen die onder hun paraplu’s uit nieuwsgierigheid stil blijven staan bij de aanblik van die menigte en de enorme hoop schamel huisraad die het huis uit is gegooid en nu hier, vlak voor de deur, aan de regen wordt blootgesteld, onder het geschreeuw van mevrouw Diamante, die zo af en toe met verwarde haren voor het raam verschijnt en haar vreemde verwensingen naar buiten slingert, waar ze met gefluit en andere onbeschofte geluiden worden ontvangen door kwajongens die op hun blote voeten rond die hoop ellende dansen en met het water uit de plassen nieuwsgierige omstanders nat spatten, die daarop beginnen te vloeken.

De commentaren zijn gesloten.