10-09-06

15 * Mussche

(15) Achilles Mussche, Des winters als het regent, uit Dat arme beetje mens, Meulenhoff, 1967

 

Uren lang had het heftig geregend en een woestaard van een wind had de vlagen met zwepen voor zich uit gejaagd; telkens als er een bui kwam overdrijven daarboven, werd het grauw hier beneden nog wat somberder. Nu sloop nog alleen een miezelregen overal rond in de lucht, een stuivend stof van nattigheid dat overal aan uw kleren kleefde, dat overal in binnendrong, tot in ’t putje van uw hart.

De commentaren zijn gesloten.